Lumaj wandelt

  • Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
Home GR routes GR 512 * Topogids GR 512 * Bierbeek - Huldenberg (22,2 km)

Bierbeek - Huldenberg (22,2 km)

E-mailadres Afdrukken

Intro:

Een aangenaam en gevarieerd stuk GR 512 dat je van oost naar west de streek onder Leuven wat beter leert kennen.
Ruim de helft van deze tocht voert door het Meerdaalwoud, één van de grootste en mooiste overblijvende bosgebieden in Vlaanderen.
Maar je ontmoet ook in de Doode Bemde de Dijle, en volgt de IJse langs Neerijse en Loonbeek tot helemaal in Huldenberg. En daarmee heb je meteen het Hageland ingeruild voor de druivenstreek.
Begin- en eindpunt van deze wandeletappe zijn makkelijk met openbaar vervoer te bereiken vanuit Leuven.

Vrijdag, 9/10/2009, een bewolkt tot zonnig herfstdagje met temperaturen rond 15° - 16°. Zo'n kans laat je niet liggen als het weekend weer regenachtig en somber belooft te worden. 's Morgens smeerden we rap wat boterhammetjes, gooiden wat spulletjes in de rugzak, en togen op weg naar Bierbeek. De GR 512 lag daar te wachten op ons volgende bezoek.

Heen en terug:

Leuven blijft een slechte verbinding vanuit Antwerpen. We namen de trein om 9.45 u. naar Mechelen en stapten daar over op de IR naar Leuven. Vijf stops op een afstand van nauwelijks 25 km, en dat noemen ze een IR trein ... Dan nog bus 8 en zo werd het toch nog 11.30 u. eer we aan de kerk van Bierbeek stonden.
Vanuit Huldenberg namen we met 10 min. vertraging bus 495 (normaal om 17.49 u.) naar Leuven. Daardoor misten we de laatste rechtstreekse trein Leuven - Antwerpen (18.35 u). We besloten dan maar eerst iets te eten in Leuven en keerden voldaan, zonder haast en zonder vrees voor alcoholcontrole in de avonduurtjes terug ... Net op tijd thuis voor de hemelsluizen zich begonnen te openen.

De wandeling:

De GR 512 passeert niet echt door het centrum van Bierbeek. Achter de kerk stapten we het Schavaaipad op en wandelden zo tot op de weg Bierbeek - Mollendaal. Bij de vierkantshoeve Bordegemhof vonden we meteen de witrode streepjes terug. Vanaf daar volgt de route een mooie holle weg in de richting van het Meerdaalbos. De benaming Oude Geldenaaksebaan doet ons beseffen dat we hier niet zo ver van de taalgrens verwijderd zijn (in ons ingewikkeld landje moet je maar weten dat Geldenaken hetzelfde is als Jodoigne).
Bij het einde van de holle weg stappen we langs een tuin met een okkernotenboom. Er hangen nogal wat takken over ons pad en die hebben de voorbije dagen gul hun vruchten losgelaten. Niemand vond het de moeite om ze op te rapen. Voor ons was het meteen een welgekomen en gratis aanvulling op ons klein boterhammenrantsoen ...


Klik op de foto voor meer foto's op Picasa

Iets verder staan we bij de rand van het Meerdaalwoud. We zijn de kilometers van deze wandeling pas beginnen tellen vanaf deze plaats (punt 15 in de topogids). Reken dus nog ruim 1,5 km. bij de afstand om vanuit het centrum van Bierbeek dit punt te bereiken.

Je wandelt nu bijna 12 km. onafgebroken door een uitgestrekt bos. Meerdaalwoud, Heverleebos, Mollendaalbos, ... de namen worden meestal door elkaar gebruikt, maar slaan allemaal op het 2000 ha. grote Meerdaalwoud dat nog een overblijfsel is van het vroegere Kolenwoud. Dat we vandaag nog kunnen genieten van dit uniek stuk fauna en flora hebben we te danken aan de hertogen van Arenberg en aan de oorlog. De Oostenrijkse adellijke familie Arenberg was de laatste paar eeuwen in het bezit van deze bossen en beheerde ze op een voorbeeldige manier. Zonder hen was er waarschijnlijk veel minder van overgebleven want de druk om bosgebieden te kappen om zo bijkomende landbouwgrond te verwerven was groot. Als Oostenrijkers stonden de Arenbergs echter aan de verkeerde kant in de oorlog, en daardoor kon de Belgische staat het gebied onder sekwester plaatsen en later verwerven. Nu is het eigendom van het Vlaams Gewest.

Alhoewel het Meerdaalbos maar half zo groot is als het Zoniënbos, is het een veel intacter en gevariëerder bos dan dat laatste. Er is maar één autoweg die het bos doorkruist van noord naar zuid, en dat is de baan Leuven - Namen. Het Zoniënwoud onder Brussel heeft veel meer te lijden onder allerlei autostrades en autowegen die het bos kriskras doorkruisen.
Het Meerdaalbos vertoont ook een gevariëerder bomenbestand. Beuk, eik en den zijn ongeveer gelijk vertegenwoordigd. Het bos vormt daardoor ecologisch gezien een veel waardevoller biotoop dan het Zoniënwoud dat bijna uitsluitend uit beuken bestaat. Dat geeft prachtige kathedraal-effecten, maar verhindert tegelijkertijd elke ondergroei. Ecologisch is dit een veel 'armoediger' bosvorm. De laatste jaren doet men dan ook in het Zoniënbos inspanningen om meer variatie in het bomenbestand te brengen.

kabouterhuisje?

Het is prachtig wandelen in het Meerdaalbos. De GR 512 kiest voor een mix van statige brede dreven en smalle kronkelende bospaadjes. Zelfs na de overvloedige stortbuien twee dagen geleden zijn de paden toch prima begaanbaar. De zanderige bodemlaag slorpt de neerslag voldoende op zodat er weinig of geen modderpoelen ontstaan. Op hellende stukken graven de bosbeheerders evacuatiesleuven naast de paden, en ook die doen goed hun werk. De combinatie van leemondergrond met een dunne zandlaag erop heeft door de eeuwen heen wel gezorgd voor een sterk geërodeerd bodemprofiel. Diep uitgespoelde ravijnen en indrukwekkende holle wegen geven je soms de indruk in de Ardennen op stap te zijn.

De zuidrand van het bos loopt min of meer gelijk met de gewestgrens die tegelijk ook de taalgrens vormt. Nu is alles hier Nederlandstalig aangeduid, maar vroeger was dit altijd deel van een gemengde taalzone. Zo staan aan de bosranden nog verschillende vroegere boswachterswoningen. Ze hadden allemaal Franstalige benamingen die nu keurig vertaald werden. Eén van de bekendste is De Kluis die in 1934 door het VVKS (Vlaamse Scouts) gekocht werd en sindsdien een begrip is voor al wie ooit padvinder was. De oorspronkelijke naam van deze plaats was La Retraite.

Na een paar uur eenzaam door dit sprookjesbos gedwaald te hebben (zelfs de kaboutertjes lieten zich niet zien bij hun vliegenzwammen-huisjes) bereiken we Sint-Joris-Weert. Het plaatsje stelt niet veel voor en behalve een bloemen- en een krantenwinkel is er niets waar je proviand kunt inkopen. In de tijd dat de topogids geschreven werd was dat waarschijnlijk wel nog het geval. Nu kun je enkel nog bij de spoorwegovergang 'In de Rapte' iets drinken. De stamgasten die er zaten leken zich van die benaming nochtans niet veel aan te trekken ...   

De route volgt nu een stuk de spoorweg richting Leuven. Als je die lijn zou blijven volgen kom je 2 km. verder uit bij De Zoete Waters in Oud-Heverlee, maar zover gaat de GR 512 niet. We slaan al eerder linksaf en lopen het natuurreservaat De Doode Bemde in. We bevinden ons nu plots in de Dijlevallei. Het kronkelende riviertje baant zich hier een weg door een erg drassig weidegebied en als er geen lang knuppelpad aangelegd was, dan zou het zelfs onmogelijk geweest zijn hier door te komen.

Wat verder steken we de IJse over, een zijriviertje van de Dijle. Nooit eerder van gehoord, maar het waterloopje gaf wel zijn naam aan bekendere plaatsen als Neerijse en Overijse. Vanaf hier krijgen we trouwens mooie zichten op Neerijse.
Er volgt nu weer een redelijk stijgend stuk holle weg en uiteindelijk lopen we het Margijsbos in. Ook dit is nog een overblijfsel van het oude Kolenwoud, maar dan wel stukken kleiner dan het Meerdaalbos. Op een bepaald ogenblik krijg je vanuit de bosrand plots een verrassend mooi zicht op het iets verder gelegen Loonbeek. Meteen is dit onze intrede in de druivenstreek, want de eerste serres laten zich al zien.

Bij de rand van Loonbeek gekomen zijn we terug bij de IJse. Een nog uit de 17de eeuw daterende watermolen toont dat het riviertje vroeger ook nog een praktisch nut had voor de streek. We stoppen even voor de inrijpoort van de herenwoonst van Jan Van der Vorst die in 1500 de heerlijkheid Loonbeek kocht. Een bordje kondigt aan dat de huidige eigenaars toelating vragen om het complex te verbouwen tot een 'ontvangstruimte', wat dat ook mag betekenen. We beslissen dat het alleszins een goede plaats lijkt om onze voorraad okkernoten aan te spreken.

Vanaf nu blijven we de IJse volgen. Het eerste stuk loopt kaarsrecht langs een verkeersweg, maar verder hebben ze de natuurlijke loop van het riviertje kunnen behouden. Net als de Dijle is het een erg meanderend waterloopje. Het effect van de stortbuien is nog goed te zien aan de oeverbegroeiing. Het water moet op een paar uur tijd met bijna een meter gestegen zijn. In de korte bochten zal dat een bruisend spektakel opgeleverd hebben.

Ondertussen zien we aan de overkant de eerste huizen van Huldenberg opduiken. Ook hier ontbreken de druivenserres niet.
Huldenberg is de bakermat van de druiventeelt in deze streek, maar daarover volgende keer meer. Voor ons zit deze mooie GR 512 etappe er op en dat betekent dat we nu meer zin hebben in een stevige trappist ...

 
Reacties (1)
1 zondag, 11 oktober 2009 09:54
Jullie hadden geluk dat jullie op vrijdag konden stappen. Een mooie etappe in een prachtige streek. Bij mij stond dit weekend de 2e etappe op de GR 57 op het programma maar het weer op zaterdag deed letterlijk de plannen in het water vallen. Hopelijk schijnt volgende week zondag het zonnetje.

Voeg uw reactie toe

Uw naam:
Uw e-mailadres:
Uw website:
Reactie:


Lumajeetje

'Wie wil zwijgen moet zijn behoefte om te oordelen smoren'

citaat van Freek de Jonge