Dit artikel werd aangepast in mei en september 2011.
We gebruiken bijna uitsluitend het openbaar vervoer om ons naar de plaats van onze wandelingen te laten brengen, en om ervan terug te keren.
Omdat we bijna alleen GR-trajecten afstappen, betekent dit dat vertrek- en eindpunt van onze staptochten verschillend zijn. Velen vinden al dat het bijna onmogelijk is om met openbaar vervoer één plaats te bereiken. De situatie met een verschillend vertrek- en aankomstpunt wordt dan ook dikwijls helemaal onmogelijk geacht. Toch is het (vanuit onze ervaring) doenbaar, zeker in Vlaanderen.
Daarom hier een aantal opmerkingen en tips die misschien kunnen helpen om de stap naar het gebruik van openbaar vervoer te overwegen.
Afstanden voor dagtrips
Hou rekening met realistische wandeltijden. Schat je gemiddelde stapsnelheid en voeg daar voldoende stoptijd bij. Als je 20 km. voor de boeg hebt moet je bij 5 km/u. al minstens 4 uren staptijd rekenen. Eén uur bijrekenen voor een langere en een kortere rust / eet pauze is niet overdreven als je ook nog wat wil genieten van wat er wat zoal te zien is onderweg. Wij rekenen voor dergelijke afstand altijd 5 à 6 uren.
Als je voor een wandeling in de winter al 5 – 6 uren denkt nodig te hebben, dan moet het ook duidelijk zijn dat je al voor de middag moet kunnen beginnen stappen, want tegen 6 uur kan het al aardig donker zijn.
Hou er ook rekening mee dat je in een drukke stad, of op stijgend / dalend of erg modderig terrein, niet je normale stapsnelheid haalt …
Je wandeltijd juist kunnen inschatten is belangrijk als je een belbus reserveerde, of net de laatste bus of trein moet kunnen nemen. Op afgelegen plaatsen kan een taxi moeilijk te vinden zijn, lang op zich laten wachten, en erg duur uitvallen !
Vertrek- en eindpunt bepalen
Als je GR trajecten stapt heb je meestal de topogids voor dat traject ter beschikking. Die topogids vermeldt in de beschrijvingen waar er onderweg trein / tram / bus haltes zijn, meestal zelfs met lijnnummers. De topogids vermeldt ook het aantal kilometers tussen al die plaatsen.
Met die 2 gegevens kun je handig zelf de gewenste lengte van je dagtraject bepalen, tegelijkertijd rekening houdend met mogelijke vertrek- en eindpunten waar openbaar vervoer haltes bestaan. De recentere topogidsen suggereren zelfs in een apart hoofdstukje tochtindelingen.
Topogidsen zijn echter geen gedetailleerde openbaar vervoer gidsen met alle tijdstabellen. Bovendien worden topogidsen op een bepaald tijdstip uitgegeven. Afhankelijk van hoe oud je uitgave is kan de situatie ondertussen al fel gewijzigd zijn.
Het komt er dan op aan om via de websites van NMBS en De Lijn de details van je trip op te zoeken.
Website NMBS
www.nmbs.be is onze favoriet om trips te plannen. De website geeft je niet alleen de nodige info over treintrajecten en -uren, maar ook over bussen en trams, en dit zowel voor Vlaanderen, Brussel als Wallonië.
Je kunt dus rustig Kemmel als eindbestemming intoetsen, zelfs al ben je zeker dat daar geen treinstation is. Vergeet niet de juiste datum en gewenste vertrektijd correct aan te geven want week – weekend, daluur – piekuur kunnen erg verschillende reismogelijkheden opleveren.
Website De Lijn
Zelf vinden we www.delijn.be een veel minder goed georganiseerde website dan die van de NMBS. Maar misschien is dat ook normaal als je beseft dat er een veelvoud aan bus- en tramlijnen bestaat vergeleken met spoorlijnen.
We gebruiken de website meestal maar als we geïnteresseerd zijn in mogelijke stopplaatsen op een bepaalde lijn. En dan gebruiken we eerst nog de NMBS website als uitgangspunt omdat je daarmee al een idee hebt van busnummers.
Anderzijds is de website van De Lijn wel onontbeerlijk voor de oproepnummers en informatie over de belbussen.
Belbussen
Zelfs bijna onmogelijk geachte bestemmingen zijn dikwijls nog te bereiken met belbussen.
In Vlaanderen bestaat het systeem van de belbussen in alle provincies. In Wallonië bestaat het momenteel voor de provincie Luxemburg.
Een rit met een belbus kost je maar dezelfde prijs als een vaste lijnrit. Het is een handig en aangenaam systeem, maar je moet het wel even op voorhand plannen. Over het algemeen moet je minstens 2 uur op voorhand bellen om je busje te reserveren, maar in het weekend zijn de oproepcentrales niet altijd open. Kijk dus goed na per provincie tot wanneer je kunt bellen.
Bijna iedereen heeft tegenwoordig een GSM bij. Zet het nummer van de belcentrale op voorhand in je contactlijst. Onderweg kun je een paar uur tevoren makkelijk inschatten wanneer je ongeveer het eindpunt van de wandeling zal bereiken. Bel de centrale dan op en spreek uur en plaats af.
Belbussen worden per provincie georganiseerd. Iedere provincie heeft een verschillend oproepnummer dat je op www.delijn.be vindt.
Naar Nederland of Wallonië
De bussen van De Lijn beperken zich niet alleen tot Vlaanderen, maar rijden dikwijls door naar bestemmingen over de grenzen met Wallonië en Nederland. Zo ontdekten we dat er een busdienst is tussen Turnhout en Tilburg, en tussen Sint-Niklaas en Hulst, … Je Lijn abonnement geldt ook op die lijnen zodat je zelfs internationaal ‘gratis’ reist.
Ook omgekeerd zijn er grensoverschrijdende bussen. Nederlandse bussen of Waalse TEC bussen rijden soms tot in Vlaanderen. Jammer genoeg is dat niet zo makkelijk uit te vissen. Met wat googelen kom je die verbindingen soms op het spoor. Op die manier kwamen we te weten dat er Nederlandse bussen rijden tussen Antwerpen en Hulst, een verbinding die De Lijn niet aanbiedt.
Voor Nederlandse bussen is een interessante website www.9292ov.nl. Het is een beetje wennen met de keuzevelden, maar de website heeft het voordeel de verschillende aparte Nederlandse busmaatschappijen samen te brengen om op die manier een reisroute voor te stellen. In de rubriek Links - GR Praktisch vermelden we een paar busmaatschappijen voor vervoer buiten Vlaanderen.
Treintickets
- In de week kan de prijs van een treinticket nogal oplopen als je geen abonnement hebt of recht hebt op bepaalde kortingen. Dikwijls ben je dan beter af met een 10-rittenkaart (Rail Pass, 1 jaar geldig) waarmee om het even welke rit over gans België je 7,4 Euro kost (enkele reis, prijs in 2011). Wie in de week van Antwerpen naar Brussel rijdt zonder korting zal ongeveer die prijs betalen. Voor langere afstanden is het dus altijd interessant om de Railpass te gebruiken. Zelfs in het weekend met halve prijs tickets zal een rit naar bvb. Luxemburg of de kust nog altijd voordeliger zijn met de Rail Pass. Een heen/terugreis hoeft op die manier nooit meer dan 14,8 Euro te kosten. Ga je voor een verlengd weekend of een midweek enkele dagen naar bvb. Luxemburg dan kun je ook in het weekend niet genieten van het halve prijs tarief. Ook dan is de Rail Pass de oplossing.
Voor jongeren tot 26 is er de Go Pass 10. Dat is hetzelfde als een Rail Pass, maar de prijs is nog lager: 5 Euro per rit.
We staan er altijd versteld van dat velen die mogelijkheid niet kennen. En wie er wel over hoorde, werpt dikwijls tegen dat ze weinig of nooit de trein gebruiken. Besef dan wel dat de kaart een jaar geldig is, en niet aan je persoon gebonden. Familie en vrienden kunnen de kaart gezamenlijk gebruiken. Reis je met 4 mensen naar de kust, dan heb je heen en terug al 8 ritten van de 10 opgebruikt ! - Er bestaan bij de NMBS heel wat prijspromoties, ook voor wie normaal geen korting geniet. Zo zijn er altijd de halve prijs weekendtarieven voor retourtickets, maar in sommige periodes van het jaar (vakantie, eindejaar …) is het zelfs nog goedkoper. Het loont dan ook de moeite om aan het loket of op de website eerst te informeren naar de prijs vooraleer je beslist de Rail Pass te gebruiken of toch apart een ticket te kopen.
Let op, want door de veelheid aan tarieven, promoties en detailregeltjes, weten de loketbedienden het soms zelf ook allemaal niet meer. Het halve prijs tarief in het weekend is slechts geldig voor een retourticket van vrijdagavond tot zondagavond. Een Shoppingticket dat bvb. in de eindejaarsperiode verkrijgbaar is in de weekends, en dat nog goedkoper is dan een gewoon weekendtarief, geldt echter enkel voor één dag in het weekend.
Het komt er dus op aan goed uit te leggen wat je precies wil doen: waarheen, van waar terug, wanneer, … - Ook weinig bekend is dat een retourticket niet noodzakelijk dezelfde heen en terug bestemming moet hebben. Dat is erg handig als je van A naar B wandelt! Zo namen we voor onze zaterdagwandeling Grimbergen – Brussel-Zuid een weekendticket met heenreis naar Vilvoorde en terugreis uit Brussel-Zuid. De stations hoeven zelfs niet op dezelfde lijn te liggen.
Sommigen denken dat voor dergelijke situaties twee enkele rit tickets moeten gekocht worden. Dat hoeft dus niet, en het zal je ook geld besparen. - Tickets kunnen nu ook via de NMBS website gekocht en afgedrukt worden. Handig om wachtrijen aan loketten en ticket automaten te vermijden!
- En tenslotte nog dit: op internationale tickets die je aan een loket koopt moet tegenwoordig een 'bedienings'toeslag betaald worden. Ook dat kun je vermijden door via de website te bestellen.
Antwerpen-Centraal snelloket
In de loketzaal kan het erg druk zijn. Als je gehaast bent kan dat tot frustratie leiden, temeer omdat je net dan aan het traagste loket staat aan te schuiven. Het is overigens onbegrijpelijk waarom ze daar geen rechtvaardiger aanschuifsysteem organiseren.
In het nieuwe stationsgedeelte bestaat nu echter een snelloket. Je kunt er enkel tickets voor vertrek dezelfde dag kopen, maar dat is toch meestal wat we nodig hebben. Slechts weinig reizigers schijnen deze mogelijkheid te kennen, zodat er meestal weinig of geen volk staat aan te schuiven bij het snelloket.
Aan het snelloket kun je ook terecht als je bestemming in Nederland ligt (op voorwaarde dat je dezelfde dag vertrekt). In de loketzaal moet je daarvoor naar een apart internationaal loket. Ze kunnen daar zogezegd nationaal en internationaal niet mengen omwille van gescheiden boekhouding en Europese regels … Maar in sommige andere stations kan nationaal en internationaal wél aan hetzelfde loket. Aan het Antwerpse snelloket kan het dus ook, en dat bevindt zich toch in hetzelfde station! Rare logica hebben ze bij de NMBS.
Die aparte nationale en internationale loketten leiden trouwens tot enerverende toestanden. We hebben het nog meegemaakt dat we voor een ticket van Welkenraet naar Luxemburg bij het internationaal loket moesten zijn. Voor de 10-ritten kaart die we wilden aankopen voor het traject Antwerpen - Welkenraet moesten we echter een tweede maal gaan aanschuiven bij een nationaal loket. Efficientie is wat anders …
Reserveschoenen
Wandelen doen velen met stevige stapschoenen (ook wij). Aan het einde van een stevige staptocht kunnen die erg modderig zijn, of kun je ernaar hunkeren een lichter paar schoenen aan te trekken. Met de wagen is er geen probleem om die reserveschoenen in de wagen te laten liggen. Ga je met openbaar vervoer, dan heb je weinig keuze: je moet die reserveschoenen meenemen. Je hebt er bijgevolg alle belang bij een paar uiterst lichte schoenen of sandalen mee te nemen. Bindt ze met een rekje samen en stop ze in een grote plasticzak die je in je dagrugzak kunt meedragen. De plasticzak moet groot genoeg zijn om er je stapschoenen achteraf te kunnen insteken. Je moet die ook apart kunnen meedragen want stapschoenen zijn al vlug te groot om nog in je rugzak te passen.
Die reserveschoenen zijn ook een voordeel als je beslist om na de wandeling ter plaatse ergens iets te eten of te drinken. Niet overal zien ze je graag binnenstappen met modderboots.
| < Prev |
|---|












