Intro
Met het einde van het Sniederspad in zicht togen we zaterdag 7/3/2009 nog maar eens Kempen-waarts.
Het werd een tocht door een rustige, ietwat eentonige streek, met weinig afwisseling in de wijdsheid, maar net daarom een heerlijk wandelgebied.
Heen en terug
Het vertrekpunt ligt in Kasterlee bij Keeses Molen. Trein in Antwerpen-Centraal om 9.15 u. naar Neerpelt. Uitstappen in Geel. Vandaar om 10.25 u. bus 490 naar Turnhout, uitstappen aan halte Kasterlee Venheide. Reistijd 1 u. 20 min.
De terugkeer moet je wel even voorbereiden. Er rijden in de streek van Postel geen lijnbussen in het weekend, maar wel een belbus. We reserveerden ons belbusje om 16.39 u. aan de Vaartbrug op de Postelsebaan in Retie. Dat busje brengt je naar Kasterlee. Vandaar bus 490 naar Geel, en vervolgens trein naar Antwerpen. Gelukkig zijn er overal cafeetjes om de wachttijden aangenaam te overbruggen.
Voor wie het interesseert: de mogelijkheid om met de belbus terug bij het startpunt van de wandeling te komen, maakt het handig om met de wagen naar het vertrekpunt te komen.
(klik op de foto voor de volledige reeks op Picasa)
De wandeling
Kort na het vertrekpunt in Kasterlee brengt de GR 565 route ons bij de Kleine Nete, meer bepaald bij de Watermolen van Houtum. Houtum is het oudste gehucht van Kasterlee en dankt zijn ontstaan aan de ligging op een belangrijk knooppunt van handelswegen. Vandaag moet je echter wel een heel grote verbeelding hebben om hier nog een belangrijke handelsweg te vermoeden. De molen zelf wordt al vermeld in 1248 …, en ook de orde van de tempeliers zou hier een tijdje gevestigd geweest zijn. Het geeft meteen een legendarisch tintje aan de plaats. Wat vandaag opvalt is dat hier gekayakt wordt, maar daar lijkt het ons net nog wat te vroeg voor, zelfs al doet een vroeg voorjaarszonnetje zijn best om ons de eerste warmte te laten voelen. Het is in alle geval een mooie plaats als je vanaf het brugje de watermolen bekijkt. En ook verder is het mooi wandelen langs de Kleine Nete.
Na de Kleine Nete gaat het naar de Geodetische Basis van de Kempen. Nee, dit heeft niks te maken met één of ander legerkamp, er is zelfs bijna helemaal niets te zien. De ‘Basis’ is een imaginaire rechte lijn tussen 2 nauwkeurig geografisch opgemeten punten. De GR 565 passeert op 100 m. van het westelijke eindpunt van die basislijn. Het enige wat je daar ziet is een betonpaal. Op de website van het NGI staat alle info over die paal: het is grondpunt 17A00C1, vastgelegd op 1/1/1963 en herzien op 11/5/2001 met het GPS systeem. Speciaal opgezocht!
Vroeger was het een erg omslachtig werkje om dit soort referentiepunten te bepalen. Ze waren echter nodig om landmeters, cartografen en planologen toe te laten hun werk zo nauwkeurig mogelijk te verrichten. Sinds de komst van het GPS systeem is dat allemaal eenvoudiger en nog nauwkeuriger geworden. Er bestaat nu voor het Belgische grondgebied gemiddeld één officieel grondpunt per 8 km2. Daarmee zijn zo’n 10.000 basislijnen gevormd, netjes opgeslagen in een databank, waarmee iedereen die het aanbelangt zijn werk kan doen.
Als leken in de materie is al die hogere driehoeksmeetkunde absoluut niet aan ons besteed, maar het is wel interessant om eens stil te staan bij de principes, toepassing en organisatie ervan. Wat dat betreft lopen we zelf nog in het stenen tijdperk rond, want we gebruiken niet eens een ‘gps’ … Voor ons is het enige bijzondere hier dat over de Geodetische Basis van de Kempen een kaarsrechte zandweg loopt waarop het mooi wandelen is.

Na een tijdje wijken we van de Basis af om richting het Prinsenpark te trekken door wat bosgebied. Daarbij passeren we de Hooibeekvijver waar een vogelobservatiehut ons vertelt dat hier heel wat waterpluimvee moet te bezichtigen zijn.
Uit de geschiedenis van het Prinsenpark blijkt dat deze streek vroeger zowat beschouwd werd als het gat van Pluto. Tot 1844 was het een verlaten heidevlakte. Daar kwam pas verandering in toen de aanleg van het Maas – Schelde kanaal irrigatie van de streek mogelijk maakte. Er kwam toen ook een wet die de gemeenten verplichtte braakliggende gronden waarmee niets aangevangen werd te verkopen. In allerijl werd daarom begonnen met het bebossen van de heide, kwestie van niet verplicht te worden om te verkopen. Toch moest ook Retie 500 ha. braakliggende gronden te koop stellen. Uiteindelijk kocht Leopold I in 1855 400 ha. met de bedoeling om er ooit een kasteel te bouwen. Het kasteel kwam er nooit, maar er werd alvast een park aangelegd … Vandaag is dit park bekend als het Prinsenpark en eigendom van de Provincie Antwerpen, compleet met bezoekerscentrum. De GR 565 passeert door het ingangscomplex.
De tocht gaat nu noordwaarts om terug uit te komen bij de Nete. Wie denkt dat er alleen maar een Grote en een Kleine Nete bestaan heeft het mis. Hier heet het riviertje de Witte Nete. Er blijken nog tal van andere Netes te bestaan: Zwarte, Looiendse, Desselse, … Ook hier een watermolen, en ook hier mogelijkheid tot kayakken.
We stappen nu verder naar Retie. Stukjes dennenbos en akkers wisselen af in een erg vlak landschap. De enige molshopen zijn ooit kunstmatig aangelegd voor motorcrossers maar nu gelukkig afgesloten zodat alles rustig blijft.
Retie is een typisch Kempisch uitgewaaierd dorp met in het centrum nog enkele bezienswaardige gebouwen. Onder de merkwaardige eeuwenoude lindeboom op het dorpsplein werd ooit recht gesproken. Door knotten, snoeien en stutten werd de kruin omgevormd tot een plat horizontaal afdak. Een indrukwekkend houten staketsel ondersteunt de zware takken.
In café Kor ontdekken we tussen het uitgebreide bieraanbod een ‘Leute Bok’. Het biertje komt van brouwerij BIOS – Van Steenberge in het Oost-Vlaamse Ertvelde. Het speciale tuimelglas met houten voetje geeft iets plezants aan het drinken van dit donkere vocht.

We vertrekken nu richting Postel voor wat de laatste 7 km. van deze wandeletappe moeten zijn. Door een routewijziging is het traject echter 2,7 km. verlengd. In plaats van 20,6 km. volgens de topogids bedraagt de werkelijke afstand van deze etappe dus 23,3 km! Gewoontegetrouw waren we niet op voorhand op de hoogte van deze verandering. We ontdekten het pas toen we op een bepaald ogenblik nog eens het kaartje in de topogids consulteerden en vaststelden dat we ons onmogelijk op de oorspronkelijke route konden bevinden. Op zichzelf niets ernstigs, maar hierdoor kwam onze tijdsplanning in functie van de belbus plots wel erg onder druk te staan … In plaats van daar minstens een halfuur op voorhand toe te komen, werd het nu flink doorstappen om nog net op tijd aan te komen.
We hebben het gehaald, maar konden daardoor wel minder echt genieten van dit laatste wandeldeel. De trajectwijziging is nochtans de moeite waard. Je wandelt nu door een mooi stukje natuur in de Goorbossen en langs een pracht van een vijver, vooraleer bij het afwateringskanaal terug op het oorspronkelijke traject terecht te komen. Het gewijzigde traject is overigens perfect aangeduid met de roodwitte streepjes.
Onze wandeletappe eindigt bij de Vaartbrug over het kanaal Turnhout – Dessel. Van hieruit is het nog ongeveer 15 km. naar het eindpunt van de GR 565 in Bladel. Maar dat zal voor een volgende keer zijn.
| < Prev | Next > |
|---|














Graag geven wij jullie een goede tip mee,als U in Vlaanderen een GR gaat bewandelen ga dan even kijken op de website van , http://WWW.groteroutepaden.be hier op vind U alle gewijzigde trajecten ( ook deze van Retie ) dit voorkomt dergelijke ongemakken, Nog veel wandelplezier met GR Willy
Bedankt voor de tıp Wılly. We kennen de GR websıte en weten ook dat de meeste routewıjzıgıngen daar gedocumenteerd zıjn. Alleen vergeten we dat nogal eens op voorhand te controleren …
In Retie heb ik ooit nog bij een boer spek met eieren gegeten. En of dat smaakte na die lange fietstocht. Tot de boer ons langs de neus weg vertelde dat hij z’n geit had opgestookt. Ik kon mijn oren niet geloven. Wie stookt er nu z’n geit op? En gaat dat dan zomaar verder vertellen aan de eerste de beste passant. Ik had er bijna Gaia bijgehaald tot mijn frank viel. Geit betekent Hout in deze streken. Waarna wij met smaak de rest van het spek naar binnen speelden.